Tekst: Nico Alles
Foto's: Ben van Beek
Op zondag 4 november j.l. konden liefhebbers van jachthoornmuziek voor de vierde keer alweer genieten van een gratis jachthoornconcert dat gegeven werd door de Loosdrechtse jachthoornblazersgroep "De Muyevelders" onder leiding van Harry Sevenstern. De groep bestaat uit een twaalftal hoornblazers (waarvan één vrouw), waaronder onze eigen Richard de Wild.
Het is een vaste traditie geworden dat de hoornblazers op een zondag die rond 3 november valt, de naamdag van St. Hubertus, acte de présence geven op het knusse terras van ons kasteel.
Wie was Hubertus en wat heeft hij gedaan? Hubertus (655-727), een zoon van de hertog van Aquitanië, leidde een werelds leven. Op Goede Vrijdag van het jaar 683 ging hij op jacht, hoewel dat een zeer oneerbiedige activiteit was op die dag. Plotseling zag Hubertus een groot hert en ging er met zijn honden achteraan. Toen hij het hert bijna te pakken had en het dier zich naar hem toekeerde wilde hij het met zijn kruisboog neerschieten. Op dat moment verscheen er een lichtend kruis tussen het gewei. Een stem zei hem naar Lambertus van Maastricht te gaan. Daar ging hij in de leer en nadat hij eerst priester was geworden volgde hij Lambertus op als
bisschop van Maastricht. Hij was de laatste bisschop van Maastricht, want later verplaatste hij de bisschopszetel naar Luik. Sint Hubertus staat nu bekend als patroonheilige van de jacht. Omdat hij eens een man van hondsdolheid genas, wordt hij speciaal aangeroepen tegen deze ziekte. Daartoe wordt ook tegenwoordig nog het zogenaamde hubertusbrood gezegend. (bron: wikipeadia e.a.)
Zo mooi de zondag in de ochtend begon zo slecht werd het weer in de middag. Omstreeks half drie, tijdens de inloop, begon het zachtjes te regenen, maar al spoedig ging het flink doorregenen en werd het pas
omstreeks vijf uur eindelijk droog. Omdat "buienradar" aangaf dat het wel enige tijd zou blijven regenen besloot Harry Sevenstern en zijn medejagers om toch maar te gaan blazen en dat deden ze met verve in de regen onder de druipende honingboom. Jagers zijn echter wel wat gewend en ze bleven dan ook stug doorspelen. Pas tijdens het laatste repertoire was het droog geworden en konden de paraplu's dicht blijven. Het weer was er ook te slecht voor om op het dak van het kasteel muziek ten gehore te brengen. Jammer, want dit geeft altijd een wel heel bijzondere sfeer rondom het kasteel en voor de bezoekers in de tuinen. Gelukkig
hadden Tanja en Pieter Goderie voor een ruime tent gezorgd (wat zouden we toch doen zonder al onze behulpzame vrijwilligers) en gelukkig stond daardoor het buffet, waar de bezoekers glühwein, erwtensoep, gehaktballetjes, broodjes knakworst en warme chocolademelk konden verkrijgen, droog en in de luwte. Enige vuurkorven die constant gevoed werden met houtblokken droegen tijdens het donkere weer extra bij aan de gezellige sfeer.
Het is jammer dat door het slechte weer er relatief weinig bezoekers kwamen opdagen. Ook onze eigen vrijwilligers bleven meest thuis. Maar alle thuisblijvers hebben echt wat gemist. De prachtige klanken van de
grote en kleine jachthoorns (Parforce-hoorns en Plesshoorns) verrukten de bezoekers en deden de regen vergeten. Telkens weer werd er uitbundig geapplaudisseerd.
Vorig jaar heeft Antoinette Stals op deze blog uitgebreid verslag gedaan over het gebruik van de jachthoorn en onder meer over de muziek voor en na de jacht en over marsen voor jachthoorns. Interessant om dit nog eens te lezen (zie rechterkolom blog bij Onderwerpen: jachthoornblazen/midwinterhoornblazen. Even aanklikken, dan staan alle artikelen hierover bij elkaar).
De hoornblazers hebben toegezegd om ook volgend jaar weer te komen blazen en spraken de hoop uit dat de weergoden dan wat milder gestemd zullen zijn. Hopelijk mogen we dan ook veel bezoekers verwelkomen. Een mooier decor voor hoornblazers kan men zich toch nauwelijk voorstellen...?
Hartelijk welkom!
www.sypesteyn.nl
Restaurant op Sypesteyn
De catering van het kasteel is in handen van het echtpaar Annette en Hans Hoogerwerf. Dit gastvrije duo zorgt voor een prettige plek waar gasten graag een hapje of drankje zullen nuttigen. Het terras is geopend tijdens de openingstijden van het museum. Hans en Annette verzorgen tevens de intakes voor bruiloften, feesten en bedrijfsactiviteiten. Ze staan u graag te woord om al uw wensen in vervulling te laten gaan.
restaurant@opsypesteyn.nl (035-6228880)
Ik wil u uitnodigen uw reactie te plaatsen onder de artikelen.
Bedankt en veel leesplezier.
woensdag 7 november 2012
donderdag 11 oktober 2012
Kasteel..... (M/V) 2012
Tekst: Huib Tijssens
Foto's: Ruud Jobse
Op 3 oktober vond in ons winkeltje al weer het laatste SYP-café plaats. Zoals gebruikelijk weer een prima assortiment hapjes en zoals eveneens gebruikelijk door weer een andere groep vrijwilligers bereid. Even tijd om stil te staan bij alles wat zich sinds het vorige café heeft voorgedaan. Drukke maand waarbij veel inzet en actie van onze vrijwilligers onontbeerlijk was. De geweldige veiling o.l.v. Frederik Baerveldt met dito opbrengst. De helaas al weer afgelopen de Hondecoeter tentoonstelling, die tot op de laatste dag veel publiek trok. En op diezelfde dag ging ook nog eens de laatste de Hondecoeter catalogus over de toonbank. En hoe
iedereen genoten had van het concert van de big band The Bruce Selection.
Na afloop van deze korte evaluatie werd de aanwezigen, waaronder ook Lia Moote en René de Vries van ons bestuur, verzocht zich naar het kasteel te begeven. Dit riep vooral bij de 'jonkies' onder ons (neen, geen leeftijdsdiscriminatie, maar degenen die pas sinds kort vrijwilliger bij ons zijn) wat vragen op. Aangekomen bij de blinde muur van het kasteel werd een theedoek ontwaard, die over de aldaar bevestigde plaquette was
gehangen. Toen werd eenieder duidelijk dat het weer tijd was voor de onthulling van de kasteelvrouw van het jaar.
Huib Tijssens rommelde wat aan de theedoek waaronder al gauw een plaatje met de naam Antoinette Stals tevoorschijn kwam. Volledig verbaasd trad zij naar voren om van Huib te horen waarom directie en bestuur de keus op haar hadden laten vallen: èn coördinatie klimaatbeheer, extra lastig vanwege de wat krakkemikkige staat van een deel van de apparatuur, èn bewaking roosters voor rondleiders, openers,
sluiters en weekendbeheer, èn beheerder van onze fantastische weblog, waarop niet zo lang geleden nog het 100ste artikel verscheen, waarvan vele door Antoinette geschreven, èn een berg onderzoek gedaan voor de volgend jaar geplande herinrichting van de Wapenkamer. En dat alles terwijl zij al een flinke tijd veel ellende en hinder moet doorstaan vanwege pijn en operaties aan haar handen. Een enorm applaus van de aanwezigen viel haar ten deel.
Ondertussen hing de theedoek nog steeds aan de muur. Toen Huib deze
verwijderde, werd nog een tweede naam zichtbaar. De drager ervan, Nico Alles, moest zijn naam een paar keer horen roepen voordat hij doorhad dat ook hij in het zonnetje gezet ging worden. Huib memoreerde dat het bestuur Nico zeer erkentelijk was voor alles wat hij gedaan heeft om de betalingsadministratie in het winkeltje te verbeteren. Met aanhoudend geduld heeft hij ons uiteindelijk toch weten te overtuigen dat een kassa volgens zijn concept de oplossing was. Om vervolgens de kassa niet allen te schenken aan Sypesteyn, maar het ding ook volledig te programmeren, de complete winkelinventaris van een zgn. PLU nummer te voorzien, een
(misschien wel een beetje te) uitvoerige instructie te vervaardigen voor de gastvrouwen in de winkel, hen allen individueel te begeleiden, steeds paraat te staan als zich problemen voordeden. Wederom een verdiend applaus van de menigte.
Na woorden van dank door het kersverse kasteelpaar en hartelijk felicitaties van iedereen werd gezellig nog even doorgeborreld. Een terechte uitzondering op de regel dat jaarlijks aan één persoon de titel ten deel valt, helemaal passend bij het eerste eeuwfeest van ons dierbare Kasteel-Museum Sypesteyn.
Foto's: Ruud Jobse
Op 3 oktober vond in ons winkeltje al weer het laatste SYP-café plaats. Zoals gebruikelijk weer een prima assortiment hapjes en zoals eveneens gebruikelijk door weer een andere groep vrijwilligers bereid. Even tijd om stil te staan bij alles wat zich sinds het vorige café heeft voorgedaan. Drukke maand waarbij veel inzet en actie van onze vrijwilligers onontbeerlijk was. De geweldige veiling o.l.v. Frederik Baerveldt met dito opbrengst. De helaas al weer afgelopen de Hondecoeter tentoonstelling, die tot op de laatste dag veel publiek trok. En op diezelfde dag ging ook nog eens de laatste de Hondecoeter catalogus over de toonbank. En hoe
iedereen genoten had van het concert van de big band The Bruce Selection.
Na afloop van deze korte evaluatie werd de aanwezigen, waaronder ook Lia Moote en René de Vries van ons bestuur, verzocht zich naar het kasteel te begeven. Dit riep vooral bij de 'jonkies' onder ons (neen, geen leeftijdsdiscriminatie, maar degenen die pas sinds kort vrijwilliger bij ons zijn) wat vragen op. Aangekomen bij de blinde muur van het kasteel werd een theedoek ontwaard, die over de aldaar bevestigde plaquette was
gehangen. Toen werd eenieder duidelijk dat het weer tijd was voor de onthulling van de kasteelvrouw van het jaar.
Huib Tijssens rommelde wat aan de theedoek waaronder al gauw een plaatje met de naam Antoinette Stals tevoorschijn kwam. Volledig verbaasd trad zij naar voren om van Huib te horen waarom directie en bestuur de keus op haar hadden laten vallen: èn coördinatie klimaatbeheer, extra lastig vanwege de wat krakkemikkige staat van een deel van de apparatuur, èn bewaking roosters voor rondleiders, openers,
sluiters en weekendbeheer, èn beheerder van onze fantastische weblog, waarop niet zo lang geleden nog het 100ste artikel verscheen, waarvan vele door Antoinette geschreven, èn een berg onderzoek gedaan voor de volgend jaar geplande herinrichting van de Wapenkamer. En dat alles terwijl zij al een flinke tijd veel ellende en hinder moet doorstaan vanwege pijn en operaties aan haar handen. Een enorm applaus van de aanwezigen viel haar ten deel.
Ondertussen hing de theedoek nog steeds aan de muur. Toen Huib deze
verwijderde, werd nog een tweede naam zichtbaar. De drager ervan, Nico Alles, moest zijn naam een paar keer horen roepen voordat hij doorhad dat ook hij in het zonnetje gezet ging worden. Huib memoreerde dat het bestuur Nico zeer erkentelijk was voor alles wat hij gedaan heeft om de betalingsadministratie in het winkeltje te verbeteren. Met aanhoudend geduld heeft hij ons uiteindelijk toch weten te overtuigen dat een kassa volgens zijn concept de oplossing was. Om vervolgens de kassa niet allen te schenken aan Sypesteyn, maar het ding ook volledig te programmeren, de complete winkelinventaris van een zgn. PLU nummer te voorzien, een
(misschien wel een beetje te) uitvoerige instructie te vervaardigen voor de gastvrouwen in de winkel, hen allen individueel te begeleiden, steeds paraat te staan als zich problemen voordeden. Wederom een verdiend applaus van de menigte.
Na woorden van dank door het kersverse kasteelpaar en hartelijk felicitaties van iedereen werd gezellig nog even doorgeborreld. Een terechte uitzondering op de regel dat jaarlijks aan één persoon de titel ten deel valt, helemaal passend bij het eerste eeuwfeest van ons dierbare Kasteel-Museum Sypesteyn.
Labels:
Sypesteyn,
Sypesteynnieuws
donderdag 27 september 2012
Sypesteyn swingt en danst
Tekst: Frits Ham
Foto's: Joop Zuiderwijk, Agnes van Dijk
'Jazz at the Castle', muziek in een Loosdrechtse traditie
Zondag 23 september maakte de big band The Bruce Selection voor een talrijk publiek op een kille herfstmiddag hartverwarmende muziek. Onder een grote tent op het terras, die de vorige dag dienst had gedaan voor het huwelijk van een zoon van vrijwilligerscoördinator Tanja Goderie, dirigeerde Antoinette Stals, alweer een Sypesteyn vrijwilliger, het twintigkoppige jazz ensemble. En wel voor een volle bak, want een groot publiek was afgekomen op het evenement, dat door intensieve publiciteit in en rond Loosdrecht uitgebreid onder de aandacht was gebracht.
Dat Antoinette bij uitzondering voor het orkest stond en er niet de saxofoon bespeelde, kwam door de afwezigheid buitenlands van vaste dirigent Bruce Skinner, de naamgever van The Bruce Selection. Maar haar invalbeurt verliep voortreffelijk, minstens even vakbekwaam als haar rondleidingen door het kasteel. Het publiek genoot twee uur lang met volle teugen, en sommigen lieten zich op het eind zelfs verleiden tot een dansje op de vooral bij de ouderen bekende muziek van In the Mood, een classic van de Amerikaanse trombonist en bandleider Glenn Miller. Maar ook andere stukken kregen daverend applaus van de aanwezigen, van Count Basie (Li'l Darlin') tot Carlos Jobim (The Girl from Ipanema) en Aretha Franklin (Respect). Het traditionele Loosdrechtse gevoel voor jazz werd kortom weer eens flink gekieteld. Dat de entree gratis was werd ruimschoots goedgemaakt door de opbrengst van de buitenbar, die door vrijwilligers werd bemand en door het publiek niet bepaald over het hoofd werd gezien.
Voor herhaling vatbaar? Het enthousiasme van de toehoorders, en ook dat van de band ('wat een prachtige ambiance en wat een fijn publiek') zouden het haast doen denken.
Labels:
concerten/optredens,
evenementen,
Sypesteyn,
Sypesteynnieuws
maandag 24 september 2012
Assistent van de veilingmeester
Tekst: Cees van den Heuvel, rondleider
Foto's: Ruud Jobse
Eindelijk is het dan zover; de veiling ten bate van Sypesteyn gaat plaatsvinden. Mijn rol in dit gebeuren is die van assistent van de veilingmeester Frederik Baerveldt en het tonen van de te veilen goederen in samenwerking met Pim de Lange. Ik verheug me erop, want ik ken Frederik als een geestige, gevatte veilingmeester, die met zijn zeer persoonlijke stijl de mensen aan het lachen en het bieden krijgt.
Er moet immers geboden worden; het liefst zoveel mogelijk om de kas van Sypesteyn te spekken en om het werk van de Stichting voort te kunnen zetten.
Mijn vrouw en ik zijn redelijk vroeg aanwezig en zien de mensen binnendruppelen. De meesten met een biednummer in hun hand.
Vrijwel iedereen gaat naar de kelder om de te veilen stukken te bekijken. Het aanbod is zeer verschillend; van sieraden tot 1 jaar autowassen, van dinerbonnen en een rit met een, volgens Frederik, peperdure Mercedes tot dozen met kasteelwijn.
Na het openingswoord door de Burgemeester van Wijdemeren Martijn Smit wordt goed en snel geboden op vrijwel alle stukken, zeker na zo'n behendig verkooppraatje van de veilingmeester.
Het scorebord geeft aan dat we de 10.000 euro naderen. Op het moment dat we die grens overschrijden wordt de kasteelbel geluid.
Niet alles wordt verkocht en de zeer lelijke dd-finish-achtige fauteuil met zijn post-pessimistische bekleding, ooit door een verstandig mens in het kasteel achtergelaten, wordt bij gebrek aan belangstelling niet geveild.
Het einde van de veiling nadert, het laatste lot geveild en dan geeft het scorebord 10.721.00 euro aan. Een prachtige opbrengst, het resultaat van de inzet van velen om de veiling tot een succes te maken.
De opbrengst van de veiling is een mooie bijdrage aan de instandhouding van de droom van een bijzonder mens: de Jonkheer van Sypesteyn.
Ik vond het een leuke ontspannen middag en verheug me op de rondleiding die ik samen met Frederik Baerveldt ga geven. Onze oudste kleindochter Anouk, die binnenkort 10 wordt, kijkt uit naar het door mijn vrouw gekochte kinderpartijtje.
Foto's: Ruud Jobse
Eindelijk is het dan zover; de veiling ten bate van Sypesteyn gaat plaatsvinden. Mijn rol in dit gebeuren is die van assistent van de veilingmeester Frederik Baerveldt en het tonen van de te veilen goederen in samenwerking met Pim de Lange. Ik verheug me erop, want ik ken Frederik als een geestige, gevatte veilingmeester, die met zijn zeer persoonlijke stijl de mensen aan het lachen en het bieden krijgt.
Er moet immers geboden worden; het liefst zoveel mogelijk om de kas van Sypesteyn te spekken en om het werk van de Stichting voort te kunnen zetten.
Mijn vrouw en ik zijn redelijk vroeg aanwezig en zien de mensen binnendruppelen. De meesten met een biednummer in hun hand.
Vrijwel iedereen gaat naar de kelder om de te veilen stukken te bekijken. Het aanbod is zeer verschillend; van sieraden tot 1 jaar autowassen, van dinerbonnen en een rit met een, volgens Frederik, peperdure Mercedes tot dozen met kasteelwijn.
Na het openingswoord door de Burgemeester van Wijdemeren Martijn Smit wordt goed en snel geboden op vrijwel alle stukken, zeker na zo'n behendig verkooppraatje van de veilingmeester.
Het scorebord geeft aan dat we de 10.000 euro naderen. Op het moment dat we die grens overschrijden wordt de kasteelbel geluid.
Niet alles wordt verkocht en de zeer lelijke dd-finish-achtige fauteuil met zijn post-pessimistische bekleding, ooit door een verstandig mens in het kasteel achtergelaten, wordt bij gebrek aan belangstelling niet geveild.
Het einde van de veiling nadert, het laatste lot geveild en dan geeft het scorebord 10.721.00 euro aan. Een prachtige opbrengst, het resultaat van de inzet van velen om de veiling tot een succes te maken.
De opbrengst van de veiling is een mooie bijdrage aan de instandhouding van de droom van een bijzonder mens: de Jonkheer van Sypesteyn.
Ik vond het een leuke ontspannen middag en verheug me op de rondleiding die ik samen met Frederik Baerveldt ga geven. Onze oudste kleindochter Anouk, die binnenkort 10 wordt, kijkt uit naar het door mijn vrouw gekochte kinderpartijtje.
Labels:
evenementen,
Sypesteyn,
Sypesteynnieuws
vrijdag 24 augustus 2012
"Op het vinkentouw"
Foto's: Rik van Wegen, Joost van der Elst
"Mooie tentoonstellingen, zoals we er nu een hebben met schilderijen van Melchior de Hondecoeter, trekken ook "mooie" mensen, mensen die veel te vertellen hebben".
Afgelopen week was mijnheer Van der Elst op bezoek, die zelf nog vinken vangt op de manier zoals die te zien is op het schilderij van Melchior de Hondecoeter in de Gotische kamer, maar nu om vogeltjes te ringen. Mijnheer Van der Elst en zijn vrouw hebben mij weer heel wat leuke dingen verteld, die ik weer kan gebruiken tijdens de rondleidingen.
Op mijn verzoek volgt hieronder een erg leuke bijdrage aan de blog van mijnheer Van der Elst, waarin hij aan de hand van twee foto's uitlegt hoe het vinken vangen met een net precies gaat.
Elly Grosscurt, rondleider
Op één van de schilderijen van Melchior de Hondecoeter (nr. 8 in de catalogus, links boven op het schilderij) staan vinkenvangers afgebeeld. Ze zitten "op het vinkentouw". Dit is verbonden met twee netten die dichtslaan wanneer op de ertussen liggende grond aangelokte vogeltjes komen.
Iets over de geschiedenis:
Deze techniek, die nog steeds op vogelringstations wordt gebruikt, stamt uit de Middeleeuwen. Op oude schilderijen staan zulke vogelaars vaak haveloos afgebeeld, vermoedelijk behoorden zij tot de laagste klasse.
In de 17e eeuw is dat drastisch veranderd. Toen stichtten rijke Amsterdamse kooplieden langs de Hollandse binnenduinrand hun buitenplaatsen. Zij zullen die plaats niet gekozen hebben om het fenomeen van de vogeltrek. Het is namelijk daar dat in de herfst duizenden vogels uit het noorden en oosten komend, bij hun trek naar het westen en zuidwesten op de Noordzee stuiten en daarom in een betrekkelijk smalle baan zuidwaarts gaan.
Liet een landgoedbezitter voor de grap een vogelaar wat netjes uitleggen om wat lekkers voor de keuken te verkrijgen? We weten het niet. Maar zeker is dat het bezit van een vinkenbaan een kwestie van status werd. Zo'n baan werd niet vlak bij huis aangelegd, maar een eindweegs het duin in, daar zijn de vangomstandigheden beter.
Is eenmaal een baan ingericht met meerdere netten en een gerieflijk vinkenhuisje van waaruit aan de lijn kan worden getrokken, dan kon je je gasten uitnodigen. De bezoekers deden dan voor de aardigheid ook een "trekje".
Ook werden uitnodigingen verzonden om de mozaïken te bewonderen van dode vinken en kepen, omringd door guirlandes van lijsters en merels die op het gazon waren uitgelegd. Iedereen kreeg dan een behoorlijke portie mee voor de keuken.
De Universiteit van Leiden gaf de Heren Studenten vrijaf, om bij hun relaties de baan te bezoeken. De vangstcijfers konden oplopen tot honderden per dag en vele duizenden per jaar. Wij zijn intussen Italië ontgroeid!
Terzijde
Eén landgoedbezitter is in de ornithologie vereeuwigd: Mr. Cornelis van Lennep , 1751-1813. Hij bewoonde het Huis Manpad in Heemstede. Hij bestudeerde het verband tussen de weersgesteldheid en de vogeltrek. Om 's ochtends meteen te weten hoe de wind stond liet hij de windwijzer op de schoorsteen verbinden met een windroos in de ontbijtkamer. Zat de wind in de zuidelijke hoek, dan wist hij dat het de moeite kon lonen om een reisje naar zijn baan te maken.
De vinker
Wilde men een goede baan in stand houden dan moest een bekwame vinker aanwezig zijn. In de herfst moest alles voor de vangst gereed zijn. Dat betekent het verzorgen van de speciale beplanting, het onderhouden van de netten en het beheren van een grote volière met lokvogels. Voor die op de baan werden gezet moest de vinker ze een fijn leren tuigje (een haampje) omdoen, waarmee ze via een ragdun kettinkje aan een pennetje in de grond werden vastgezet. Andere lokkers werden in kooitjes ten noorden van de baan als voorposten uitgezet, zodat die met hun roep de hoog aankomende soortgenoten omlaag konden lokken.
Ook moest hij vogels "muiten": in de loop van maanden de lichthoeveelheid in een afgesloten kooi zo manipuleren dat ze in de herfst hun voorjaarszang lieten horen.
Ook 's winters moest hij paraat zijn; waren er als het had gesneeuwd leeuweriken te horen, dan moest een ander soort net sneeuwvrij gemaakt worden waarop ze zeker zouden landen, want leeuweriken zijn een delicatesse!
foto 1
foto 2
De techniek
Op de eerste foto liggen de opgevouwen netten open. Een ruk aan de vanglijn trekt aan de lange lijnen die van voor naar achteren de netten dragen. Die tillen dan de netten op (foto 2) en slaan toe. De slag is geslagen.
Terzijde
In de loop van de tijd is een aantal vaktermen ontstaan. Eén slaat op het scharnier waarmee de stok in de grond draait, een "lurf".
Slaagt een vogeltje er bijna in te ontsnappen, door in de lengterichting van het bewegende net te vliegen, dan kon de vinker het nog net:
"bij de lurven pakken".
Het Groot Nederlands Woordenboek geeft een andere uitleg over het ontstaan van de uitdrukking. Wij vinden de onze, blijkbaar niet verantwoorde, mooier!
Het heden, 2012
In 1912 kwam de Wet op de Vogelbescherming tot stand. Met één klap kwam een eind aan de vinkerij. Slechts enkelen mochten voor de wetenschap doorwerken
Rond 1959 slaagden hier en daar vogelkenners - beroeps en amateurs - er in weer een vinkenbaan op te richten. Zij konden nog juist profiteren van de kennis van oude heren, beroepsvinkers in ruste. Die droegen met plezier alles over wat zij nog wisten.
Op een groot aantal plaatsen worden nu vogels geringd. Alle gegevens. zoals o.a. maten en leeftijd, gaan naar de ringcentrale die ook bekwaamheid beoordeelt en vergunningen uitgeeft.
Tussen alle Europese centrales is een "clearing", zodat, dankzij de grote getallen inzicht ontstaat over trekroutes, overleving, mogelijke veranderingen door klimaatwijziging, noodzaak van biotoopbescherming, e.d.
De techniek staat niet stil. Eerst werden lokvogels vervangen door elektronisch geluid. Slagnetten maken plaats voor mistnetten, die zo fijn zijn dat de vogels ze niet zien en er dan in vliegen en vastraken.
En nu is er naast het ringwerk de microtechniek. Jaarlijks worden GPS-zendertjes en dataloggers kleiner zodat ze nu ook al draagbaar voor kleine vogels zijn.
Joost van der Elst, augustus 2012
"Mooie tentoonstellingen, zoals we er nu een hebben met schilderijen van Melchior de Hondecoeter, trekken ook "mooie" mensen, mensen die veel te vertellen hebben".
Afgelopen week was mijnheer Van der Elst op bezoek, die zelf nog vinken vangt op de manier zoals die te zien is op het schilderij van Melchior de Hondecoeter in de Gotische kamer, maar nu om vogeltjes te ringen. Mijnheer Van der Elst en zijn vrouw hebben mij weer heel wat leuke dingen verteld, die ik weer kan gebruiken tijdens de rondleidingen.
Op mijn verzoek volgt hieronder een erg leuke bijdrage aan de blog van mijnheer Van der Elst, waarin hij aan de hand van twee foto's uitlegt hoe het vinken vangen met een net precies gaat.
Elly Grosscurt, rondleider
Op één van de schilderijen van Melchior de Hondecoeter (nr. 8 in de catalogus, links boven op het schilderij) staan vinkenvangers afgebeeld. Ze zitten "op het vinkentouw". Dit is verbonden met twee netten die dichtslaan wanneer op de ertussen liggende grond aangelokte vogeltjes komen.
Iets over de geschiedenis:
Deze techniek, die nog steeds op vogelringstations wordt gebruikt, stamt uit de Middeleeuwen. Op oude schilderijen staan zulke vogelaars vaak haveloos afgebeeld, vermoedelijk behoorden zij tot de laagste klasse.
In de 17e eeuw is dat drastisch veranderd. Toen stichtten rijke Amsterdamse kooplieden langs de Hollandse binnenduinrand hun buitenplaatsen. Zij zullen die plaats niet gekozen hebben om het fenomeen van de vogeltrek. Het is namelijk daar dat in de herfst duizenden vogels uit het noorden en oosten komend, bij hun trek naar het westen en zuidwesten op de Noordzee stuiten en daarom in een betrekkelijk smalle baan zuidwaarts gaan.
Liet een landgoedbezitter voor de grap een vogelaar wat netjes uitleggen om wat lekkers voor de keuken te verkrijgen? We weten het niet. Maar zeker is dat het bezit van een vinkenbaan een kwestie van status werd. Zo'n baan werd niet vlak bij huis aangelegd, maar een eindweegs het duin in, daar zijn de vangomstandigheden beter.
Is eenmaal een baan ingericht met meerdere netten en een gerieflijk vinkenhuisje van waaruit aan de lijn kan worden getrokken, dan kon je je gasten uitnodigen. De bezoekers deden dan voor de aardigheid ook een "trekje".
Ook werden uitnodigingen verzonden om de mozaïken te bewonderen van dode vinken en kepen, omringd door guirlandes van lijsters en merels die op het gazon waren uitgelegd. Iedereen kreeg dan een behoorlijke portie mee voor de keuken.
De Universiteit van Leiden gaf de Heren Studenten vrijaf, om bij hun relaties de baan te bezoeken. De vangstcijfers konden oplopen tot honderden per dag en vele duizenden per jaar. Wij zijn intussen Italië ontgroeid!
Terzijde
Eén landgoedbezitter is in de ornithologie vereeuwigd: Mr. Cornelis van Lennep , 1751-1813. Hij bewoonde het Huis Manpad in Heemstede. Hij bestudeerde het verband tussen de weersgesteldheid en de vogeltrek. Om 's ochtends meteen te weten hoe de wind stond liet hij de windwijzer op de schoorsteen verbinden met een windroos in de ontbijtkamer. Zat de wind in de zuidelijke hoek, dan wist hij dat het de moeite kon lonen om een reisje naar zijn baan te maken.
De vinker
Wilde men een goede baan in stand houden dan moest een bekwame vinker aanwezig zijn. In de herfst moest alles voor de vangst gereed zijn. Dat betekent het verzorgen van de speciale beplanting, het onderhouden van de netten en het beheren van een grote volière met lokvogels. Voor die op de baan werden gezet moest de vinker ze een fijn leren tuigje (een haampje) omdoen, waarmee ze via een ragdun kettinkje aan een pennetje in de grond werden vastgezet. Andere lokkers werden in kooitjes ten noorden van de baan als voorposten uitgezet, zodat die met hun roep de hoog aankomende soortgenoten omlaag konden lokken.
Ook moest hij vogels "muiten": in de loop van maanden de lichthoeveelheid in een afgesloten kooi zo manipuleren dat ze in de herfst hun voorjaarszang lieten horen.
Ook 's winters moest hij paraat zijn; waren er als het had gesneeuwd leeuweriken te horen, dan moest een ander soort net sneeuwvrij gemaakt worden waarop ze zeker zouden landen, want leeuweriken zijn een delicatesse!
foto 1
foto 2
De techniek
Op de eerste foto liggen de opgevouwen netten open. Een ruk aan de vanglijn trekt aan de lange lijnen die van voor naar achteren de netten dragen. Die tillen dan de netten op (foto 2) en slaan toe. De slag is geslagen.
Terzijde
In de loop van de tijd is een aantal vaktermen ontstaan. Eén slaat op het scharnier waarmee de stok in de grond draait, een "lurf".
Slaagt een vogeltje er bijna in te ontsnappen, door in de lengterichting van het bewegende net te vliegen, dan kon de vinker het nog net:
"bij de lurven pakken".
Het Groot Nederlands Woordenboek geeft een andere uitleg over het ontstaan van de uitdrukking. Wij vinden de onze, blijkbaar niet verantwoorde, mooier!
Het heden, 2012
In 1912 kwam de Wet op de Vogelbescherming tot stand. Met één klap kwam een eind aan de vinkerij. Slechts enkelen mochten voor de wetenschap doorwerken
Rond 1959 slaagden hier en daar vogelkenners - beroeps en amateurs - er in weer een vinkenbaan op te richten. Zij konden nog juist profiteren van de kennis van oude heren, beroepsvinkers in ruste. Die droegen met plezier alles over wat zij nog wisten.
Op een groot aantal plaatsen worden nu vogels geringd. Alle gegevens. zoals o.a. maten en leeftijd, gaan naar de ringcentrale die ook bekwaamheid beoordeelt en vergunningen uitgeeft.
Tussen alle Europese centrales is een "clearing", zodat, dankzij de grote getallen inzicht ontstaat over trekroutes, overleving, mogelijke veranderingen door klimaatwijziging, noodzaak van biotoopbescherming, e.d.
De techniek staat niet stil. Eerst werden lokvogels vervangen door elektronisch geluid. Slagnetten maken plaats voor mistnetten, die zo fijn zijn dat de vogels ze niet zien en er dan in vliegen en vastraken.
En nu is er naast het ringwerk de microtechniek. Jaarlijks worden GPS-zendertjes en dataloggers kleiner zodat ze nu ook al draagbaar voor kleine vogels zijn.
Joost van der Elst, augustus 2012
Labels:
buitenplaats,
de Hondecoeter,
Sypesteyn,
tentoonstellingen
woensdag 15 augustus 2012
Dag Jonkheer, dag kasteel
Tekst: Joan Broné
Foto: Pim de Lange
Onze lieve Joan heeft helaas besloten haar werk als vrijwilligster neer te leggen. Ze neemt afscheid van het kasteel met een prachtig gedicht.
Afscheid nemen van iets moois,
van mooie mensen ook,
dat doe je niet maar even zo,
daar denk je over na.
Soms te lang en soms te kort.
Soms weet je gewoon
dat het er tijd voor wordt.
Je hebt je steentje bijgedragen
aan al dat vele moois
ook aan die mooie mensen.
En, eerlijk is eerlijk,
je mist ze wel,
die heel mooie mensen dan.
Als het werk te veel ,
te zwaar ook wordt
dat zelfs je karakter
er onder lijdt,
dan is het toch echt tijd,
tijd om ermee te stoppen.
Tijd om dag te zeggen
tegen al dat moois,
ook tegen al die mooie mensen.
Soms liet ik een traan
en soms was ik even boos.
Alles steeds maar eventjes
en eigenlijk altijd wel in stilte...
Dag Jonkheer, dag kasteel,
dag alle mij dierbare vrijwilligers...
Dank aan jullie allen
voor het lachen en het huilen
voor de fijne samenwerking!
Dag..., liefs en dikke kus,
Joan Broné
Foto: Pim de Lange
Onze lieve Joan heeft helaas besloten haar werk als vrijwilligster neer te leggen. Ze neemt afscheid van het kasteel met een prachtig gedicht.
Afscheid nemen van iets moois,
van mooie mensen ook,
dat doe je niet maar even zo,
daar denk je over na.
Soms te lang en soms te kort.
Soms weet je gewoon
dat het er tijd voor wordt.
Je hebt je steentje bijgedragen
aan al dat vele moois
ook aan die mooie mensen.
En, eerlijk is eerlijk,
je mist ze wel,
die heel mooie mensen dan.
Als het werk te veel ,
te zwaar ook wordt
dat zelfs je karakter
er onder lijdt,
dan is het toch echt tijd,
tijd om ermee te stoppen.
Tijd om dag te zeggen
tegen al dat moois,
ook tegen al die mooie mensen.
Soms liet ik een traan
en soms was ik even boos.
Alles steeds maar eventjes
en eigenlijk altijd wel in stilte...
Dag Jonkheer, dag kasteel,
dag alle mij dierbare vrijwilligers...
Dank aan jullie allen
voor het lachen en het huilen
voor de fijne samenwerking!
Dag..., liefs en dikke kus,
Joan Broné
zondag 5 augustus 2012
AdLib.
Tekst en foto's: Huib Tijssens
Zo nu en dan horen jullie van een collega of tijdens het Sypcafé iets over AdLib. Maar wat is dit nu precies en waartoe dient het?
Wisten jullie dat:
- ons Kasteel-Museum meer dan 10.000 museale objecten herbergt, waarvan meer dan een kwart niet wordt getoond in de vaste opstelling?
- de meeste objecten in de collectie door de jaren heen van een inventarisnummer zijn voorzien en dat de details zijn vastgelegd op handgeschreven papieren velletjes, die waren opgeborgen in dozen en ordners?
- zo'n 30 jaar geleden is begonnen om de gehele papierwinkel te vervangen door een systeem met getypte inventariskaartjes, die als ze op elkaar zouden worden gestapeld samen ruim 2,5 meter hoog zouden zijn?
- zo'n 8 jaar geleden is besloten om het gehele kaartsysteem om te zetten naar een geautomatiseerd systeem en dat daarvoor het voor musea ontworpen computerprogramma AdLib werd aangeschaft?
- dit systeem vereist dat per invoernummer tenminste 15 zaken worden vastgelegd, zoals objectnaam, objectnummer, algemene beschrijving, wanneer verworven, maker, datering, materiaal, land van herkomst, maten, staat van onderhoud, evt. wanneer aan wie uitgeleend, evt. wanneer en door wie gerestaureerd, evt. literatuurverwijzing en standplaats in het kasteel?
- inmiddels meer dan 8.000 inventarisnummers zijn ingevoerd (en let wel dat bijvoorbeeld een 50-delig servies maar 1 hoofdnummer heeft en dat elk bordje, kopje en schoteltje met een eigen subnummer moet worden vastgelegd)?
- sinds we AdLib in huis hebben naar schatting 25 mensen zich voor kortere of langere duur hebben ingezet om te helpen deze "monniken"-klus te klaren?
- momenteel 2 vrijwilligers (Margot en Bettie) hun beschikbare tijd voor Sypesteyn volledig aan AdLib wijden en 1 andere (Anita) voor een deel?
- qua aantallen ingevoerde nummers Anita de absolute topper is met de invoering van de beschrijving van ruim 1200 prenten en tekeningen en nog eens 400 pamfletten?
- van alle geregistreerde objecten digitale foto's worden gemaakt die aan het AdLib systeem gekoppeld gaan worden en dat Aad van Wegen, de broer
van onze conservator Rik, en soms ook wel Aadlib genoemd, er al meer dan 4000 heeft gemaakt?
- dit alles ten doel heeft onze collectie digitaal toegankelijk te maken, wat niet alleen handiger voor onszelf is, maar ook voor samenwerking met collega musea (voor bijvoorbeeld bruiklenen) en onderwijsinstellingen (educatie) en zeker te stellen dat wij straks de aan de nieuwe aangescherpte eisen voor museumregistratie kunnen voldoen?
- dit al weer de 100ste bijdrage is aan onze blog, sinds die in januari 2011 door onze onvermoeibare Antoinette Stals werd opgestart en grotendeels door haarzelf is gevuld met allerhande boeiende stukjes over het reilen en zeilen van Sypesteyn? Hulde daarvoor!
Zo nu en dan horen jullie van een collega of tijdens het Sypcafé iets over AdLib. Maar wat is dit nu precies en waartoe dient het?
Wisten jullie dat:
- ons Kasteel-Museum meer dan 10.000 museale objecten herbergt, waarvan meer dan een kwart niet wordt getoond in de vaste opstelling?
- de meeste objecten in de collectie door de jaren heen van een inventarisnummer zijn voorzien en dat de details zijn vastgelegd op handgeschreven papieren velletjes, die waren opgeborgen in dozen en ordners?
- zo'n 30 jaar geleden is begonnen om de gehele papierwinkel te vervangen door een systeem met getypte inventariskaartjes, die als ze op elkaar zouden worden gestapeld samen ruim 2,5 meter hoog zouden zijn?
- zo'n 8 jaar geleden is besloten om het gehele kaartsysteem om te zetten naar een geautomatiseerd systeem en dat daarvoor het voor musea ontworpen computerprogramma AdLib werd aangeschaft?
- dit systeem vereist dat per invoernummer tenminste 15 zaken worden vastgelegd, zoals objectnaam, objectnummer, algemene beschrijving, wanneer verworven, maker, datering, materiaal, land van herkomst, maten, staat van onderhoud, evt. wanneer aan wie uitgeleend, evt. wanneer en door wie gerestaureerd, evt. literatuurverwijzing en standplaats in het kasteel?
- inmiddels meer dan 8.000 inventarisnummers zijn ingevoerd (en let wel dat bijvoorbeeld een 50-delig servies maar 1 hoofdnummer heeft en dat elk bordje, kopje en schoteltje met een eigen subnummer moet worden vastgelegd)?
- sinds we AdLib in huis hebben naar schatting 25 mensen zich voor kortere of langere duur hebben ingezet om te helpen deze "monniken"-klus te klaren?
- momenteel 2 vrijwilligers (Margot en Bettie) hun beschikbare tijd voor Sypesteyn volledig aan AdLib wijden en 1 andere (Anita) voor een deel?
- qua aantallen ingevoerde nummers Anita de absolute topper is met de invoering van de beschrijving van ruim 1200 prenten en tekeningen en nog eens 400 pamfletten?
- van alle geregistreerde objecten digitale foto's worden gemaakt die aan het AdLib systeem gekoppeld gaan worden en dat Aad van Wegen, de broer
van onze conservator Rik, en soms ook wel Aadlib genoemd, er al meer dan 4000 heeft gemaakt?
- dit alles ten doel heeft onze collectie digitaal toegankelijk te maken, wat niet alleen handiger voor onszelf is, maar ook voor samenwerking met collega musea (voor bijvoorbeeld bruiklenen) en onderwijsinstellingen (educatie) en zeker te stellen dat wij straks de aan de nieuwe aangescherpte eisen voor museumregistratie kunnen voldoen?
- dit al weer de 100ste bijdrage is aan onze blog, sinds die in januari 2011 door onze onvermoeibare Antoinette Stals werd opgestart en grotendeels door haarzelf is gevuld met allerhande boeiende stukjes over het reilen en zeilen van Sypesteyn? Hulde daarvoor!
Labels:
collectie,
Sypesteyn,
Sypesteynblog,
Sypesteynnieuws
Abonneren op:
Posts (Atom)
















