Hartelijk welkom!



Deze blog informeert u over de dingen die achter de schermen van ons kasteel gebeuren en bespreekt items uit onze uitgebreide collectie. Voor informatie over openingstijden en evenementen, tentoonstellingen, huwelijken en kinderpartijtjes verwijs ik u naar onze site:

www.sypesteyn.nl

Restaurant op Sypesteyn
De catering van het kasteel is in handen van het echtpaar Annette en Hans Hoogerwerf. Dit gastvrije duo zorgt voor een prettige plek waar gasten graag een hapje of drankje zullen nuttigen. Het terras is geopend tijdens de openingstijden van het museum. Hans en Annette verzorgen tevens de intakes voor bruiloften, feesten en bedrijfsactiviteiten. Ze staan u graag te woord om al uw wensen in vervulling te laten gaan.


Ik wil u uitnodigen uw reactie te plaatsen onder de artikelen.

Bedankt en veel leesplezier.

Posts tonen met het label item collectie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label item collectie. Alle posts tonen

maandag 12 november 2018

Drie bijzondere vazen

tekst: Rik van Wegen
foto : Graham Pascoe

Sypesteyn kon recent met steun van de Vereniging Rembrandt, de Stichting Hollands Porselein en de Vrienden van Sypesteyn drie bijzondere vazen van Loosdrechts porselein verwerven. De vazen van omstreeks 1782 zijn zowel aan de voor- als aan de achterzijde fraai gedecoreeerd met landschapjes. Omdat de voorstellingen aan beide zijden even groot zijn en even fijn zijn uitgevoerd, wordt aangenomen dat de set was bestemd om voor een spiegel op een schoorsteenmantel te staan.



Een dergelijk schoorsteengarnituur van Loosdrechts porselein was tot nu toe alleen bekend uit de boedelbeschrijving van De Mols schoonzus en geldschieter Eva van Eibergen-de MOL. Op de schouw in de 'zaal' van haar Haarlemse huis stond een ensemble van drie 'antiecque' vazen. Dit was in de 18e eeuw de manier om de op de Oudheid gebaseerde neoklassieke vorm te beschrijven.

woensdag 24 mei 2017

Nieuw tapijt voor ons 17e eeuws trappenhuis

Tekst en foto's: Graham Pascoe

Waarom was vervanging nodig? Het tapijt is deel van de oorspronkelijke inventaris van het Kasteel en dus van historische waarde. Echter, het is ook een gebruiksvoorwerp - inmiddels hebben er vele duizenden bezoekers overheen gelopen. Het tapijt is daarom erg versleten en begon onveilig te worden. Het oorspronkelijk tapijt is van Nederlands makelij (Deventer tapijt), maar helaas is de fabriek niet meer in bedrijf. Gelukkig kon een gespecialiseerd bedrijf uit Portugal het oorspronkelijk patroon reconstrueren en namaken. Het vernieuwde tapijt is onlangs geplaatst en de eerste bezoekers hebben er al overheen mogen lopen.

Een nieuw stukje tapijt over het erg versleten oorspronkelijke tapijt laat duidelijk de noodzaak van vervanging zien. Ook is het gereconstrueerde kleurenpatroon goed te zien.

Na verwijdering van het oude tapijt en het schoonmaken van de trappen wordt gelijmd.


Hierop worden onderleggers op iedere trap geplaatst.

De onderleggers worden ook verlijmd en het tapijt wordt er zorgvuldig overheen uitgerold

Daarna wordt het vastgezet en worden de roeden geplaatst.


Het prachtige nieuwe tapijt (met hetzelfde gereconstrueerde patroon als het origineel) ligt in de zon te glooien.

De vernieuwde trappen van boven gekeken

en vanaf beneden, met de oorspronkelijke roeden weer geplaatst.



dinsdag 25 oktober 2011

Prachtig porselein in tentoonstellingskamer

foto's: Ruud Jobse
Het 18e-eeuwse hoekkabinet met Loosdrechts en Amstelporselein staat weer op zijn plek in de tentoonstellingskamer. Kleine restauraties aan de kast werden uitgevoerd door meubelmaker Paul Siebert.
Nieuw is de grote wandvitrine, gebouwd door meubelmaker Jan Wiggerts en geschilderd en gepoetst door onze vrijwilligers Pim, Susan, Josee en Arianne.


In deze kast staat een groot gedeelte van het vogelservies van Loosdrechts porselein. In de Hoge Zaal is dit servies ook te zien op de gedekte tafel.
Loosdrechts porselein is het enige collectieonderdeel dat na de dood van de Jonkheer van Sypesteyn nog actief werd verzameld.

Het vogelservies werd in 1975 met steun van de Vereniging Rembrandt verworven. De Vereniging Rembrandt stelt als voorwaarde voor haar steun dat aankopen zoveel mogelijk getoond moeten worden en dankzij de vitrinekast kunnen we nu laten zien hoe de betere standen in de 18e eeuw tafelden met uitgebreide serviezen: verschillende modellen borden, schalen, saucières, terrines, mosterdpotjes en lepels.

In het midden van de wandvitrine en op de wandtafel links van de schoorsteenmantel staan vijf grote schalen, waarvan twee met zg. treeften. Deze schalen zijn door mevrouw A.M.L. Gravin Schimmelpenninck-Mulder aan Sypesteyn geschonken. Het is Loosdrechts porselein, maar door de verschillende soorten decoraties blauw zijn ze heel anders dan het al aanwezige serviesgoed in het museum en zijn daarom een welkome aanvulling op de collectie.

De decoraties zijn niet veelkleurig, maar ingetogen en elegant.
Het servies - de rest is nog in bezit van de famlie en wordt nog gebruikt - werd door de vader van Mevrouw Schimmelpenninck in de jaren '50 van de vorige eeuw gekocht, omdat hij een echt "Oud-Hollands" servies wilde hebben.

In de tentoonstellingskamer is nu ook een vroeg Loosdrechts kannetje te zien, dat werd geschonken door door Vereniging Vrienden van Sypesteyn. De kleurencombinatie van de decoratie, bietenrood voor het ornament gecombineerd met monochroom voor de pastorale voorstelling, is heel bijzonder. De voorstelling, een paar schaapjes in een wei, is zeer fraai en subtiel geschilderd. Een dergelijk stuk was nog niet aanwezig in onze collectie.
Naast het kannetje staat een prachtig opengewerkt siervaasje dat Sypesteyn voor 25 jaar in bruikleen kreeg van een particulier. Dergelijke vaasjes maakten oorspronkelijk deel uit van setjes die als kaststel dienden. Ook dit aspect van de Loosdrechte porseleinproduktie was nog niet in het museum aanwezig.

Tenslotte is er een beeldje van Kenau Simonsdr. Hasselaar te zien in de vitrine links van de hoekkast. Aan het einde van de 18e eeuw produceerde de Loosdrechtse porseleinfabriek een reeks beeldjes van grote figuren uit de 17e eeuw, die in de 18e eeuw als lichtend voorbeeld moesten dienen. Kenau was het enige beeldje uit die reeks dat in de collectie Sypesteyn nog ontbrak. Het Haags Gemeentemuseum had ook een aantal beeldjes, waaronder Kenau. Om onze reeks compleet te maken hebben we Kenau bij Den Haag in langdurige bruikleen gevraagd. Het Gemeentemuseum heeft hieraan gevolg gegeven en heeft zelfs voorgesteld het beeldje op termijn in eigendom aan ons over te dragen. Reden: het Gemeentemuseum heeft aan één beeldje als voorbeeld van de reeks voldoende om een presentatie kunstnijverheid te geven en Kasteel-Museum Sypesteyn richt zich op het presenteren van een zo volledig mogelijk beeld van specifiek het Loosdrechts porselein. Daarom vond het Haags Gemeentemuseum Kenau beter op zijn plaats op Sypesteyn. Heel collegiaal!

donderdag 29 juli 2010

Commedia dell`arte



In ons bezit hebben wij een klein theepotje met afbeeldingen van Commedia dell`arte. Ook in Meissen zijn porseleinen figuurtjes van dit type gemaakt b.v. bovenstaand figuurtje van Colombine en Pantalone. Maar wat is Commedia dell`arte nu eigenlijk? Ria Stut (studeerde kunstgeschiedenis en is nu rondleidster), schreef onderstaand artikel.
De Commedia dell`arte was van oorsprong Italiaans volkstoneel in de 16e en 17e eeuw. Het werd vanaf 1545 uitsluitend door beroepsacteurs gespeeld. Er waren zo'n 10 vaste types in de rollen van Pantalone, Il Dottore, Il Capitano, Arlechino, Brighella, Colombina, enz. Dit zijn de meest bekende finguren. Deze figuren hadden een vast karakter dat ook gelieerd was aan een stadstaat in Italie. B.v. Pantalone was gelieerd aan Venetie (havenstad) en speelde altijd de rol van rijke koopman, belust op geld en vrouwen. Il Dottore was gelieerd aan Bologna (universiteitstad) en speelde de rol van wijsneus, enz. Zo werden dan ook de bewoners grosso modo gezien uit die streek. Prototypes van zo'n stad/streek zou je kunnen zeggen. Je kunt het enigszins vergelijken met zoals wij de Friezen typeren als stug en de Brabanders als gastvrij.
De voorstelling had een klein scenario, waarop de spelers vrijuit improviseerden. Ieder met zijn eigen karakter. Aktuele gebeurtenissen en personen werden op de hak genomen en te kijk gezet. Het was een vrolijke boel, want er werd niet alleen toneel gespeeld maar ook muziek gemaakt, gedanst, pantomine gespeeld en gejongleerd. Veelal werden er maskers gedragen en hadden de spelers eenzelfde uitrusting behorende bij het type, zodat ze snel door het publiek te herkennen waren. Grappig was ook dat, doordat de spelers altijd optraden in dezelfde rol, ze ook buiten het toneel het karakter gingen vertonen van het door hen te spelen personage.

woensdag 9 juni 2010

Loosdrechts Porselein 1774-1784, deel 1


Dominee Joannes De Mol (1726-1782)zag dat in zijn parochie Oud-Loosdrecht de armoede steeds schrijnender werd. Doordat er zoveel turf was gestoken, was er bijna geen grond meer over om gewassen op te verbouwen. Er heerste grote werkeloosheid in zijn gemeente. De dominee wilde daar iets aan doen. Omdat hij grote interesse had in chemie ging hij op eigen initiatief onderzoek doen naar porseleinfabricage. Hij ging op zoek naar een geschikte deskundige. Hij vond de jonge Louis Victor Gerverot in Scherzheim. Hij liet hem een proefmodel van een sculptuurje maken.In 1773 vroeg De Mol hem ook om beschilderd proefporselein te maken: een bekertje en een klein theeserviesje voor twee personen. Toen dat lukte, stichtte dominee de Mol bij zijn pastorie in Oud-Loosdrecht een porseleinfabriek, waar de mensen uit Loosdrecht geschoold werk konden gaan doen. In 1778 waren er 60 volwassenen en 25 kinderen aan het werk in de fabriek en maar 7 of 8 buitenlandse krachten. De dominee leidde zoveel mogelijk Hollandse arbeiders op tot porseleinwerkers en schilders.
Bovenstaand theeserviesje van Gerverot kon in 2007 dankzij de steun van de Stichting Hollands Porselein door het Rijksmuseum worden verworven. Dit was het begin van de Loosdrechtse porseleinproduktie.